![]() |
||
![]() |
![]() |
![]() |
Nog een FPZ-project? Waar gaat dit naartoe?
In Zonneschijn is sinds de invoering van het preferentiebeleid de stemming er niet beter op geworden. Er is veel gedoe met patiënten, die nu vaak andere spullen krijgen. De regelmaat die de patiënten gewend waren, staat hevig onder druk. Zonneschijn heeft kostendekkende tarieven nodig om niet in zware financiële problemen te komen. Pieter zoekt de oplossing in het investeren in baxteren. Hij wil daar een FPZ-project van maken. Evert houdt zijn poot stijf. Er is veel gebeurd de afgelopen maand in Zonneschijn. Vanaf 1 juli vergoeden zorgverzekeraars niet meer alle geneesmiddelen. Van een geneesmiddel op doktersrecept kan een verzekeraar bepalen dat het van de ene fabrikant wel en van een andere fabrikant niet wordt vergoed. Dit zogenoemde preferentiebeleid betekent dat alleen de goedkoopste variant binnen een bepaalde groep geneesmiddelen wordt vergoed. Alle andere middelen worden helemaal niet vergoed, ook niet met bijbetaling. Verschillende bekende verzekeraars hebben meerdere (veelgebruikte) geneesmiddelen in hun preferentiebeleid opgenomen. Sinds juli merken patiënten de veranderingen. Het geneesmiddel kan ineens van een andere fabrikant zijn, het doosje kan er anders uit zien, of het medicijn zelf. Soms moeten patiënten meerdere tabletten slikken voor hetzelfde effect. Het resultaat? Veel onduidelijkheid, gedoe en misverstanden in de apotheek en veel ophef achter de schermen, vooral over de uit het preferentiebeleid voortvloeiende prijsdalingen van geneesmiddelen. Evert is best wel zenuwachtig. Wat zullen de financiële gevolgen zijn voor Zonneschijn? Is al het personeel wel te handhaven? Pieter is vooral met de dagelijkse beslommeringen bezig. Hij merkt dat veel oudere patiënten in de problemen komen omdat ze niet goed meer weten hoe ze op welk tijdstip welke medicijnen moeten gebruiken. Bij een paar patiënten heeft hij al aangeboden om weekdozen te maken, zodat ze toch de juiste geneesmiddelen innemen. Maar het vullen van de dozen kost veel tijd, en met een niet optimale bezetting gaat dat steeds lastiger. Pieter voelt steeds meer voor het idee hier een FPZ-project van te maken door deze patiënten aan te bieden te gaan baxteren. Hierbij krijgen de patiënten de meeste voorgeschreven geneesmiddelen in zakjes geleverd. Op elk zakje staat de juiste datum en het tijdstip van inname. Een groot voordeel is dat dit veel minder arbeidsintensief is. Zo kun je heel gericht optimale patiëntenzorg blijven bieden. Maureen, Barbara, Suze zijn allemaal erg enthousiast. Door het baxteren zal er veel minder werk te doen zijn en toch zal er goede zorg worden geleverd. Evert voelt helemaal niets voor welke vorm van FPZ dan ook. “Mmm, veel te duur!”, bromde hij vorige week tijdens het werkoverleg. Niet geheel onterecht overigens. De kosten voor het baxteren zijn voor een groot deel voor de apotheek. Er wordt vaak te weinig voor vergoed door de zorgverzekeraars. Alles kost tijd of geld en in deze tijden van onduidelijkheid wil hij daar niet in investeren. Goede patiëntenzorg is volgens hem niet meer betaalbaar, tenzij –het laatste redmiddel- er personeel wordt ontslagen. Zo ontstaat er dus een probleem. Pieter en de apothekersassistentes zijn zeer teleurgesteld in de houding van Evert. Pieter vindt dat de apotheek zo gaat tekortschieten in patiëntenzorg en zit met de vraag in zijn maag hoe hij dit moet communiceren aan zijn medewerkers. Vragen
Om het team te betrekken bij de besluitvorming rond de invoering van een zorgproject zou je alle assistentes kunnen vragen om hun mening op papier te zetten, tevens de voors en tegens. Dit wordt voor een werkbespreking ingeleverd bij de apotheker. Tijdens de werkbespreking komt iedereen aan het woord om zijn ideeën te vertellen, evenals positieve en negatieve punten. Men let daarbij op of het zorgproject voldoende effect heeft voor de apotheek.Dit kan eventueel door een of meerdere assistentes worden uitgezocht binnen een afgesproken termijn. Wissel elkaar daarin af, zodat alle assistentes een keer aan de beurt komen. Kom na een afgesproken tijd met z'n allen weer bij elkaar om tot een besluit te komen. Als er door externe omstandigheden een verandering nodig is, zal dat in een werkbespreking gemeld moeten worden. De melding kan eerst worden gedaan, waarna de assistentes de mogelijkheid krijgen om vragen te stellen. Belangrijk is dat je je verhaal onderbouwt. Misschien is er binnen het team wel iemand met goede ideeën of is er iemand die er al langere tijd aan denkt om iets korter te willen werken. Ook hier kun je weer als team tot een oplossing proberen te komen.
|